Van roem en schande...

Zondag 26 augustus: dag van het familiefeest. Voor sommigen zou het eerder de dag der schande worden, maar gelukkig wisten ze dat nog niet op voorhand, want anders hadden ze nooit durven opdagen... Die neefjes toch...
Zo een familiefeest is dikwijls een saaie bedoening waarop de nichtjes en neefjes hun oude tantes en nonkels moeten kussen en verder braaf mogen zitten luisteren naar de "spannende" verhalen uit vroeger tijden van alles wat de oudere generatie allemaal heeft uitgespookt in hun jonge jaren. Zij zouden het nu allemaal niet meer moeten proberen, de neefjes en de nichtjes, want dan zou je wat horen...

Maar iedereen weet dat die van de Hermans-clan geen gewone familie zijn, dus niks saai zitten niks doen en eten tot je bijna overloopt, hoewel, ons lijkt dat wel eens plezant, zo echt lekker veel kunnen eten, want wij krijgen hier voor ons drie kiekens bijeen maar een half schepje droog korrels en wat gemengd graan. Echt niks om over naar huis te schrijven. En de drank is nog minder: een kommetje water, en dat is nog niet eens al te proper met al die mussen die daar in komen... je-weet-wel-wat doen. Enfin, niks geen saai feest dus bij los hermansos, en om de ambiance er wat in te brengen, gingen ze een matchke mini-voetballen: de nonkels (gemiddelde leeftijd ergens rond de zestig) tegen de neefjes (gemiddelde leeftijd ergens rond de twintig).

De nonkels opteerden voor het systeem-STVV: een niet (meer)-dekkende libero, een balonvast middenveld en een niet-scorende diepe spits. Daartegenover hadden de neefjes geen enkel systeem nodig: dankzij hun jeugd, enthousiasme en balvirtuositeit zouden ze daar eens rap komaf mee gaan maken. Hun enige probleem was om de nonkels niet al te belachelijk te maken, want dan zouden ze misschien gene pree meer krijgen... Dat dachten ze toch, de arme neefjes.

Afgedroogd! dat werden ze, de neefjes. De nonkels hadden voortdurend meer balbezit, er werd meer op de helft van de neefjes gespeeld dan ergens anders, fysiek konden ze het hoge tempo en de vlotte balcirculatie van de nonkels op geen enkel moment volgen. Als keeper moest Sander met gevaar voor eigen leven zelfs de ballen uit zijn doel houden. Goed te begrijpen dat dat manneke al rap huilend van ellende van het veld liep. Einduitslag: 3 - 1 voor de nonkels.
Eeuwige roem zal het deel zijn van Hugo, Willy, Toon en de patron hier. Eeuwige schande daalt neer over de neefjes, van wie we uit puur medelijden de namen niet zullen verklappen. Maar wie er bij was, zal het nooit meer kunnen vergeten. Aan hun kleinkinderen zullen ze later moeten bekennen wat er die zondagnamiddag gebeurd is.

Zeg dat Debby het gezegd heeft.

Meisje Brecht en jongen Brecht

Ze zeggen wel dat wij kiekens niet veel verstand hebben, maar wie kan daar nu nog aan uit? Jongen Brecht en meisje Brecht, dat is toch ook niet simpel om te snappen.

Die Brecht van hier is dus naar Watou geweest, maar dat wisten jullie al wel. En dat hij daar met allemaal studenten samen in een huisje zat om er te gidsen bij de poëziezomer ginds, dat was ook al bekend. Nu bleek dat één van die medestudenten daar een meisje uit Hasselt was en dat ze alletwee nog wel eens goesting hadden om samen iets te gaan doen in Hasselt.


Dus besloten ze samen naar de film te gaan en daarna nog iets te gaan drinken. Dat "iets" gaan drinken liep wel wat uit tot in de vroege uurtjes, want Debby was al een beetje aan het wakker worden toen de auto hier voor de deur stopte. Stapte niet alleen Brecht uit, maar ook zijn Watou-genote. Blijkbaar was haar bus al vertrokken, kon ook moeilijk anders op dat onchristelijk uur van thuiskomen en dus had Brecht haar voorgesteld om hier in Tim zijn bed te blijven slapen. Toch charmant van die kadé. Zo iets zou de haan van de geburen nooit doen voor ons, want als ik de kiekens daar mag geloven, dan zou ik dat toch allemaal niet pikken wat die allemaal in hun kot uitsteekt, maar ja, het leven van een kieken, dat hebt ge niet zelf voor het uitkiezen.

Maar enfin, dus deze morgen komen die twee naar ons kijken. We zijn dat al wel een beetje gewoon dat alle bezoekers hier naar ons komen kijken alsof we dieren in de zoo zijn. Nu, toegegeven, wij zijn wel speciaal kippen, maar om daar zomaar onze privacy voor te grabbel te gooien aan jan en alleman die hier passert, dat hoeft voor ons ook weer niet. Maar, zoals ik al zei, die twee komen deze morgen (eigenlijk was het al middag) naar ons kot en dan hebben ze zo hun commentaar op ons en zijn ze het tegen mekaar aan het uitleggen over Watou en nog zo van alles...

Maar het rare was, dat ze alletwee de hele tijd Brecht tegen elkaar zegden, precies of ze elkaar gewoon herhaalden. Dan zei zij:"Toch schoon kippen, hè Brecht!" en dan zei hij: "Ja Brecht, dat vind ik ook" en zei hij: " Was wel tof in Watou, vind je ook niet Brecht?" en zei zij: "Ja Brecht, dat was wel tof daar" en zo nog van alles. Niet aan uit te kunnen... Tot we het eindelijk doorhadden: ze heten alletwee Brecht, de ene jongen Brecht, is de Brecht van hier en het andere, meisje Brecht is van Moos-Herk en was dus samen met onze Brecht in Watou. Geef toe, dat is toch niet zo simpel en voor de hand liggend.

En dan zeggen ze nog dat het leven van een kieken simpel is: kakelen en eieren leggen en dat is alles. Maar wie dat zegt, heeft nog nooit van meisje Brecht en jongen Brecht gehoord.

Zeg dat Doris het gezegd heeft!

Op bezoek bij the Duke

Watou. Een dorpje in het zuiden van West-Vlaanderen. Het laatste Vlaamse dorpje ook, want wie even door de velden wandelt, zit zonder het te weten al over de grens in Frankrijk. Watou is nog een plek om tot rust te komen, op het marktplein waar er verschillende oude dorpshuizen zijn omgetoverd tot een gezellig eet- of drinkhuis. Verder zijn er nog drie straten, een brouwerij met hun eigen streekbier en meer valt er in die Westhoek niet te zien. Maar toch is dat meer dan genoeg. Meer moet dat niet zijn, want Watou is nog een dorpje dat zijn ziel bewaard heeft. Een dorpje waar de oudere mensen nog hun twee talen spreken: hun streekdialect en Frans.


En precies daar, in die uithoek van ons Vlaanderenland, wordt ieder jaar een evenement georganiseerd dat je niet zou verwachten tussen de velden en de boerderijen. Voor de 27ste keer al is Watou van juli tot september het zomercentrum van de poëzie. Op zes locaties, gaande van de kerk tot een oude stal van een boerderij, worden poëzie en beeldende kunst tot een geheel gesmolten. Voor een leek niet altijd even duidelijk, maar toch boeit het en maakt het iets los bij de bezoeker: soms vind je het maar niks, soms denk je er even bij na en soms raakt het je, zonder dat je goed weet hoe of waarom. Die combinatie van woord en beeld.

Om alles toch een beetje open te trekken voor de vele bezoekers, staan er bij elke locatie ook enkele jobstudenten die wel op de hoogte zijn van de diepere geheimen die versluierd liggen achter de verschillende kunstwerken en gedichten. Vandaar dat de patron en de madam van hier maandag de trein naar Poperinge genomen hebben om daar in Watou met eigen ogen en oren te kunnen meemaken hoe Brecht er als gids-ter-plaatse/suppoost uitlegde wat de bedoeling zou kunnen zijn van een plastieken hamer die eigenlijk een vliegenzwam was. Of waarom een jonge kunstenaar een levensgroot benzinestation bouwde met allemaal boeken. Of wat er zo speciaal was aan een in houtskool gemaakte tekenfilm. Of wat er...

Maar Watou zou geen echt Vlaams dorp zijn als er ook niet goed kon worden gegeten en gedronken. En dan nog liefst van één van de vele eigen streekgerechten en -bieren. En dus konden die van hier pas de dag daarna terug naar huis komen, want maandagavond hebben ze samen met Brecht een goede boom opgezet over kunst en het leven in Watou. Volgens de patron was de tweede hopgenever er teveel aan. Of was het de eerste sint-bernardus? In ieder geval hebben ze die nacht goed geslapen in het Wethuys en het ontbijt alleen al maakte de reis voor hen de moeite waard.

En wij hier maar knabbelen op stukjes maïs en wat van die korrels, en dat allemaal zonder speciaal bier of ander lekkers. Het wordt tijd dat die van hier eens wat meer aan ons denken in plaats van naar zo een boerendorp in de Vlaanders te trekken. Poëzie of gene poëzie.
Zeg dat Nancy het gezegd heeft.