Watou. Een dorpje in het zuiden van West-Vlaanderen. Het laatste Vlaamse dorpje ook, want wie even door de velden wandelt, zit zonder het te weten al over de grens in Frankrijk. Watou is nog een plek om tot rust te komen, op het marktplein waar er verschillende oude dorpshuizen zijn omgetoverd tot een gezellig eet- of drinkhuis. Verder zijn er nog drie straten, een brouwerij met hun eigen streekbier en meer valt er in die Westhoek niet te zien. Maar toch is dat meer dan genoeg. Meer moet dat niet zijn, want Watou is nog een dorpje dat zijn ziel bewaard heeft. Een dorpje waar de oudere mensen nog hun twee talen spreken: hun streekdialect en Frans.
En precies daar, in die uithoek van ons Vlaanderenland, wordt ieder jaar een evenement georganiseerd dat je niet zou verwachten tussen de velden en de boerderijen. Voor de 27ste keer al is Watou van juli tot september het zomercentrum van de poëzie. Op zes locaties, gaande van de kerk tot een oude stal van een boerderij, worden poëzie en beeldende kunst tot een geheel gesmolten. Voor een leek niet altijd even duidelijk, maar toch boeit het en maakt het iets los bij de bezoeker: soms vind je het maar niks, soms denk je er even bij na en soms raakt het je, zonder dat je goed weet hoe of waarom. Die combinatie van woord en beeld.

Om alles toch een beetje open te trekken voor de vele bezoekers, staan er bij elke locatie ook enkele jobstudenten die wel op de hoogte zijn van de diepere geheimen die versluierd liggen achter de verschillende kunstwerken en gedichten. Vandaar dat de patron en de madam van hier maandag de trein naar Poperinge genomen hebben om daar in Watou met eigen ogen en oren te kunnen meemaken hoe Brecht er als gids-ter-plaatse/suppoost uitlegde wat de bedoeling zou kunnen zijn van een plastieken hamer die eigenlijk een vliegenzwam was. Of waarom een jonge kunstenaar een levensgroot benzinestation bouwde met allemaal boeken. Of wat er zo speciaal was aan een in houtskool gemaakte tekenfilm. Of wat er...
Maar Watou zou geen echt Vlaams dorp zijn als er ook niet goed kon worden gegeten
en gedronken. En dan nog liefst van één van de vele eigen streekgerechten en -bieren. En dus konden die van hier pas de dag daarna terug naar huis komen, want maandagavond hebben ze samen met Brecht een goede boom opgezet over kunst en het leven in Watou. Volgens de patron was de tweede hopgenever er teveel aan. Of was het de eerste sint-bernardus? In ieder geval hebben ze die nacht goed geslapen in het Wethuys en het ontbijt alleen al maakte de reis voor hen de moeite waard.
En wij hier maar knabbelen op stukjes maïs en wat van die korrels, en dat allemaal zonder speciaal bier of ander lekkers. Het wordt tijd dat die van hier eens wat meer aan ons denken in plaats van naar zo een boerendorp in de Vlaanders te trekken. Poëzie of gene poëzie.
Zeg dat Nancy het gezegd heeft.