Kot-leven

Ja, ik weet het: het is van januari geleden dat ik nog iets van mij heb laten horen, maar daar was alle reden toe. Eerst legt mijn goede vriendin Daisy haar kopke neer en moet ik stik alleen in die kippenren de winter door. Koud dat dat was, in ons slaapkot zo zonder iemand om 's nachts tegenaan te kruipen! En dan vragen de patrons zich hier af waarom er in de winter geen eieren gelegd worden. Precies alsof het nog niet genoeg tocht aan mijn gat in ons kippenhuis...

Enfin, na een tijd begon ik dat alleen zijn wel gewoon te worden en ik vond het zelfs af en toe plezant om mijne eigen baas te zijn in mijn eigen kot. Want eerlijk gezegd, Daisy was wel mijn beste vriendin, maar af en toe kon ze toch ook een ferm stukske zagen: over haar eikes die ze altijd kwamen halen, en wat er dan toch van haar kindjes zou geworden en dat ze daar toch wel iets van wilde horen, en over het eten had ze ook wel altijd iets aan te merken: dan was het te veel, dan te weinig, dan zaten er teveel kruimels in, een andere keer zat er zand tussen hare sla en zo van alles. Zelfs over haar eigen bleef ze maar doordrammen: dan vroeg ze of ik ook vond dat haar gat te dik geworden was, want ze vond van zichzelf dat ze precies toch wat bijgekomen was en ze snapte niet hoe dat kwam. "Daisyke," zei ik dan, "als ge de hele dag niks anders doet dan smikkelen en smullen, dan moet ge niet verwonderd zijn dat uw gat wat dikker wordt. Zeker als ge ook nog niks aan sport doet..." En lastig dat ze dan was!!! Eerlijk gezegd, na een tijd begon ik mij hier wreed op mijn gemak te voelen, zo alleen in de buiten.

Maar wat doen ze hier dan? Dan gooien ze op een schone dag, zonder verwittigen, twee nieuw kiekens bij mij binnen, precies alsof ik hier niks te vertellen heb. Ik dacht dat ik iets kreeg toen ze hier een wit en een zwart kieken uit de doos haalden. Ik zat toen toch wel met een serieus ei: wat als het niet zou klikken met die twee nieuwelingen. Achteraf heb ik dat ei er wel gewoon uitgekregen en sindsdien gaat het eigenlijk wel goed zo met ons driekes. De nieuwelingen hadden ook wel direct in de gaten dat ik hier al langer zat en ze zijn zich braafkes bij mij komen voorstellen. De witte heet Nancy en de zwarte heet Doris. Die Doris had het wel wat hoog in hare bol, want zij is vernoemd naar een Amerikaanse vriendin van Brecht. Nog wel één met Chinese roots, vandaar dat Doris ook zo een beetje bruin is met zwarte haren. De eerste morgen hebben we wel moeten lachen met Doris: ze durfde niet meer van hare stok af te komen. De patron is dan gekomen en heeft haar met zachte dwang van hare stok gejaagd. En kakelen dat ze deed, en hoe meer zij kakelde, hoe harder Nancy en ik moesten lachen, natuurlijk. Achteraf bleek dat die andere Doris, uit de V.S., ook wel overal op kroop, maar er dan ook niet meer vanaf durfde komen. Ze hadden hare naam dus niet beter kunnen kiezen!

En zo zit het dus. Nu zijn we elkaar gewend en zouden we niet meer zonder elkaar kunnen. Maar het heeft toch weer effekes geduurd ik genoeg bekomen was om aan ons dagboek verder te werken. Maar hopelijk blijft alles nu een tijdje gewoon zijn gangetje gaan en dan kunnen we nog veel plezier maken samen en dan hebben we ook weer heel wat te vertellen. Salukes en de kost...

Veel groetjes van Debby